DUNO of DUUNHOVEDE
De stichtingsdatum zou ergens in de twaalfde eeuw kunnen liggen, een
uitspraak, waarop we in deze pagina's over Duno nader op zullen ingaan.
Duno wordt voor het eerst vermeld in een akte van 1247 als Duunhovede.
104.
Vermoedelijk betekent Duunhovede het "hoofd van de duinen", dus daar
waar de duinen ophouden. Dat klopt met het verslag uit 1540 van Boom,
waarin sprake is van een eindpunt van de duinen aan de kustzijde. Op dat
punt buigt de duinenrij met een grote boog het binnenland in. Dan volgt
er "het grote scor" zoals Boom dat noemt.
Graaf Willem V vertoefde in Middelburg in 1349-1350 en in die periode
bezocht hij zeker 20 keer Duunhove, (Kesteloo,1909). In juni 1408 aten
de proost van de Abdij van Middelburg, twee schepenen van Middelburg en
de dijkgraven van Walcheren op Duno n een bijeenkomst bij de Schenkelhoek
voor herstel van de dijk aldaar
De oppervlakte van Duno binnen de huidige grachten is ca de 20.000 mtr2,
zoals dat blijkt uit de veldnamenkaart.
Kesteloo vertelt in zijn boekje "Oostkapelle
in woord en beeld 1609, blz. 108" wat over de geschiedenis van Duno.
In 1579 werd Duno van landswege verkocht en kwam het in het bezit van
kapitein Jacob Simons de Rijck.
Peter Blom vond in het archief van stad Vere,
voorlopig inv.nummer 4145 een volgende verkoopakte van Duno, gedateerd
1581, terug. Duno werd toen door de Rijck verkocht aan Pieter Joosz de
Coster van Gent voor een bedrag van 777 pond Vlaams.
Een belangrijk document want daarin staat "een huijs met zijne schuijre,
hofstede en bomgaert van Dunhoo, tsamen groot met zijne graften vijff
gemeten en 91 roe".
Die vijf gemeten en 91 roe komt ongeveer overeen met 20.000 mtr2.
Waarom dat document zo belangrijk is, zie je als je hier
klikt.
Duno speelt in de geschiedenis van de inpoldering van Noordwalcheren
nog een tweede, belangrijke rol.
We doen dit aan de hand van akte 50 uit het Cartularium van Borsele. In
die akte van 1474 bevestigt Karel van Bourgondie de lenen op Walcheren,
die Wolfaert van Borsele na de dood van zijn vader erfde. De opsomming
van die lenen aan de hand van het register van het Graafschap Holland
is opmerkelijk, omdat zaken worden vermeld, die
een situatie schetsen van 140 jaar vóór 1474, dus rond 1330.
Voor het verhaal van Vrouwepolder is van belang dat in die akte de grenzen
van het gebied van Vrouwepolder staan.
En hierbij speelt Duno een rol.
Ten eerste is daar de zuidgrens van het ambacht van Vrouwepolder. In acte
50 staat ;
-Dat is buyten den ouden Zwene ter zeewaerts. In die loipt duer Zandijc-polre
ende alzoe voort steckende bezuyden onser Vrauwerkerke in den polre ende
alsoe voert langhts dien dijcke en den dijc daerbinnen, westwaert streckende
an die zuydzijde langes bij den duijnen tot Rijkedane toe-
Dat is vertaald : vanaf de oude begraafplaats van Vrouwepolder, via de
Dorpsdijk, de Kon.Emmaweg, de Vroonweg, over het "ogediekse pad"
naar de Dunoweg en vandaar naar de Vroonweg, waar Rikedane lag.
Nu komt de westgrens, met daarin de verwijzing
naar de poorten van Duno :
-Alsoe al sinen bij der poorte van den uuthove van Dunenhoefde dweers
duer die duijen in die zee rechte noort gepeilen mach-
We interpreteren dat "Alsoe al sinen bij der poorte enz" als
-gekomen zijnde bij de poort van Duno vind je die westgrens als je een
noordlijn trekt vanaf dat perceel "voor Duno' Poorte"
totdat je bij de duinen komt en als je daar bent en een lijn door de
duinen naar de zee trekt, heb je die grens. Die grens valt overigens
samen met de Dunokreek, die daar in de Middeleeuwen meer dan 20 meter
diep was. Die grens vind je b.v. ook op de kaart P.33-N.72 in de collectie
Bodel-Nijenhuis
Deze bovenstaande gegevens hebben we ook verwerkt in de webpagina's Rikedale
en de inpoldering
van Vrouwepolder.
Bronnen
Een boekje over de geschiedenis van Duno is in voorbereiding, verschillende
auteurs werken er aan mee.
|