De POLDERS
rond OOSTKAPELLE
7. De Hogedijk, de Gorspitpolder en de Sluispolder rond 1150
Het zal zinvol zijn dit onderwerp in drie gedeeltes te behandelen
ivm. de onderlinge samenhang.
Allereerst de Hogedijk
De Hogedijk is vermoedelijk van oorsprong een strekdam
De uitdrukking "Hogedijk" is van belang. Kennelijk was die dijk hoger
dan normaal. Dat kwam omdat het een echte zeedijk was. De zee was daar
ook, want de duinenrij eindigde vóór Duno en daarna begonnen
de schorren. De zee kon dus een bedreiging vormen, als de stormvloeden
over de schorren naar binnen kwamen.
Kesteloo schreef een boekje over de geschiedenis van Oostkapelle en op
blz. 11 noemt hij een verklaring van de keurschepen van Oostkapelle
van 18 april 1526 waarin gehandeld wordt over de grasetting van den
vingerling (dijk om een gat ontstaan door dijkbreuk) en over de Gorspitpolder
en over de buurt Rikedale. Wel wordt
er bij Duno in de overloper van 1584 van de Vijfwateringen
een weel genoemd, maar het is niet gelukt die thuis te brengen. Mogelijk
was de weel ontstaan, nadat de Hogedijk was doorgebroken, maar het kan
ook in de Vroonweg zijn omdat de acte 8 gedateerd in de paasdagen van
1350 uit het cartularium van Borsele spreekt over een nieuwe dijk, die
gerepareerd is, nadat deze was doorgebroken.
De Gors(pit)polder
In een document uit 1246 wordt voor het eerst gesproken over Duno
en de polders voor Duno, de Gors- en de Sluispolder, die voor Duno liggen
In de overloper van de Vijfambachtenvan 1584 wordt wel gesproken over "voer
Duynhoo poorte, daer de Gorspit en de Sluyspolder leggen" maar in de
opsomming van de gemeten wordt er niet meer naar verwezen. Er is door
Jan Zwemer een gedeeltelijke reconstructie gemaakt van hoe de diverse
percelen rond Duno liggen.
Elk perceel immers wordt in de omschrijving van de overloper opgenomen
met een opmerking over de situering, zoals -/ z /-. In dit voorbeeld
betekent dit, dat dit perceel ten zuiden van het vorige perceel ligt.
Uit bovengenoemde reconstructie valt af te leiden, dat de Gorspit de
meest noordwestelijke polder moet zijn. Deze polder wordt dan begrensd
door de Dunoweg en de Hogedijk. In 1672 heet de Gorspitpolder
de Putpolder. Deze polder ligt ook voor Duno, zoals de overloper zegt.
Het zou ook kunnen zijn dat de Gorspitpolder in de overloper groter was
en ook de Vatepolder omvatte. Dat zou uit bovengenoemde
acte 8 event.
kunnen worden afgeleid
De Sluispolder
De Sluispolder ligt ten oosten van de Gorspolder.
De noordoostelijke grens van beide polders is mogelijk de doorlopende
perceelgrens, die nog is terug te vinden op de veldnamenkaart.
De naam Sluispolder staat waarschijnlijk in verband met de uitwatering
van de Schoonoordse sprink, die bij Westhove
begint. Zolang de Zwene nog niet afgedamd was, zal de sluis
in de Sluispolder in functie zijn gebleven. Op de geomorfologische
kaart is er op de plaats waar de Sluispolder ligt, één en
ander zichtbaar. Het kan zo zijn, dat de hierboven genoemde doorlopende
perceelgrens ooit een dijk is geweest langs de Zwene.
Op de topografische kaart no. 724 uit het archief van de Zeeuwse Eilanden
zijn ook gegevens over die uitwatering te vinden
Het is zinvol om hier iets te zeggen over de aanduidingen noord, zuid,
oost en west. Onze huidige windroos is enigszins gedraaid t.o.v. de windroos,
die in de Middeleeuwen werd gebruikt. Bovendien was oost en west toen
belangrijker dan noord en zuid en dat kan interpretatie verschillen geven.
Onder de knop "begrippen" vindt U meer over deze windrooskwestie.
8. De Dijk bij Ipenoord.(klik
hier)
|