DE INPOLDERING VAN NOORDWALCHEREN

 

Deze kaart is samengesteld uit gegevens van de veldnamenkaart gecombineerd met een vijftal zeventiende eeuwse parochieblockkaarten. Wat hedendaagse gegevens zorgen voor een goede oriëntatie.

Kaart 7

Block 7. De Boonepolder of de Boempolder oost
Dit is het meest oostelijke gedeelte van Jan Claes Luyck block. Op de bodemkaart van Bennema en op de Geomorfologische kaart zijn restanten van dijken te zien van deze polder.
In het noorden wordt de polder begrensd door "de Goedepolder", in het zuiden "de Lepelstraat" en in het oosten "de Vrouwenpolderseweg".

In de Custinge van 1291 is er sprake van de Boempolder. Als je op de veldnamenkaart kijkt dan is het overduidelijk, dat de Boempolder in twee fasen is aangelegd, allereerst het westelijke gedeelte, waarna het oostelijke gedeelte daar als het ware werd tussengevlijd.
Op de tiendekaart wordt wordt vermeld no. 86 voor block 6. Voor block 7 wordt vermeld no.192. Het lage nummer voor block 6 zou er op kunnen wijzen dat de tienden eerder zijn verstrekt dan voor block 7 en dat klopt met de theorie, dat block 6 eerder is ingepolderd dan block 7

Langs de noordgrens en langs de westgrens loopt de grens tussen de Oostwaterring en de watering van de Vijf Ambachten. In de tiendenkaart heet dit gebied Boonepolder (192)
De Duitse Heeren hadden hier 6 gemet en 188 roe, vlak bij de Vrouwepolderseweg. Verderop staat nog in de overloper "Omhaelt aen zuijtoostzijde de Duitse Heeren lant neffens den wech"
Als de Boonepolder rond 1246 is ingedijkt, dan zal het westelijke block van de Boempolder rond 1242 zijn ingedijkt. In april 1247 ontvangt Rijnsburg de novale tienden van 200 gemet, liggende in Serooskerke tussen de Lemmel en Duinhove. 022.
Bisschop Otto zegt met nadruk dat Rijnsburg met zware inspanningen en grote kosten 200 gemet land met dijken heeft omgeven en in cultuur gebracht heeft. Deze 200 gemet kan alleen slaan op Jan Claes Luyckblock , dat een oppervlakte heeft van ca. 188 gemet.
In 1263 bevestigt abt van Middelburg nog eens dat Rijnsburg gekocht heeft alle land met aanwassen tussen Duunhoofde en Lemmele, zoals Hüffer vermeld in zijn akte 57.

Met de inpoldering van de Boempolder is wat merkwaardigs aan de hand. Eerst behoorde dit gebied tot de concessie van Rijnsburg, toen was de graaf het daarmee niet eens (het recht van op- en aanwas speelde hierbij een rol). Deze verkocht de Bonepolder aan Eustatius Boenezoon waarna Rijnsburg de Boonepolder weer moest terugkopen van Eustatius Bonezoon, de mogelijke naamgever van de polder.134

8. De Goedepolder (klik hier)