DE INPOLDERING VAN NOORDWALCHEREN |
DE PROOST INT CLOOSTERIn Zeeland was de Onze Lieve Vrouwe abdij te Middelburg verreweg het belangrijkste klooster. Rond 1100 moet er een samenleving van seculiere kanunniken hebben bestaan die een verbinding hadden met de Westmonsterkerk. Verder weten we, dat in 1128 een reeds bestaand klooster werd bemand met Norbertijnen van de St.Michielsabdij te Antwerpen. Deze abdij in Antwerpen zal de Middelburgse abdij gedurende haar gehele bestaan begeleiden. In 1123 is Alboldus, die eerst proost van het klooster van reguliere kanunniken te Voormezele in Westvlaanderen, naar Middelburg gekomen om als proost van de in Middelburg bestaande gemeenschap van kanunniken, de hervormingen gebaseerd op wat er in Cluny was gebeurd, te verwerkelijken. De regel van Augustinus werd door hem ingevoerd. Voortaan zagen de Middelburgers hun kanunniken in de zwarte pij van de augustijner koorheren. Dat duurde niet lang want reeds in ca. 1127 gelukte het de bisschop van Utrecht de Norbertijnen naar Middelburg te brengen en dus werden de pijen wit.. De Norbertijnen werden ook wel Prémonstratenzers genoemd, naar de plaats waar het eerste klooster van de Norbertijnen werd gesticht. De orde werd geheel ingezet voor de zielzorg in de parochies. De regel van Augustinus bleef echter de basis van hun werk. In 1256 werd het Norbertijnenklooster door graaf Willem II tot abdij verklaard Willem II heeft de abdij zeer begunstigd en zijn zoon Floris V werd in de abdij begraven Het grondbezit van de abdij nam zeer toe, het belangrijkste gedeelte van het bezit lag echter op Walcheren en toen de abt ambachtsheer van Oostkapelle werd, nam hij ook als zodanig zitting in de Staten van Zeeland. Tenslotte werd hij het eerste lid van de Staten en bewaarde als zodanig ook het archief van de Staten in de abdij. Het aanzien van de abt bleek ook als de graaf ter vierschaar in Zeeland kwam. De abt zat aan zijn rechterzijde en aan zijn linkerzijde de Commandeur van de Duitse orde. Doordat het landbezit van de abdij op Walcheren zo groot was, werd de abt bijna permanent dijkgraaf van de watering van de Vijfambachten en ook dat waterschap had zijn zetel in de abdij. Ook enkele parochies werden ingelijfd bij de abdij zoals Serooskerke. Ook over een groot aantal kosterijen, vicariën en andere beneficiën, had de abt zeggingskracht. Het jachtrecht van de abt in de duinen liep van Domburg tot de grens
met Vrouwepolder. Het aantal kannuniken was waarschijnlijk niet meer dan 30 man, gewoonlijk zelfs minder. Daarnaast waren er lekenbroeders, die ook vaak werden ingezet in de uithoven. In 1492 was er een grote brand in Middelburg, waarbij een groot gedeelte van de abdij verloren ging, waaronder de bibliotheek. In 1401 werd de abdij onttrokken aan de rechtsmacht van de bisschop van Utrecht en die van de aartsbisschop in Keulen en kwam onder direct toezicht van de paus. De laatste abt van de abdij, Niclaas de Castro of op zijn nederlands Klaas van de Kastele, hij was een Vlaming, werd in 1561 bisschop van Middelburg. Tijdens het beleg van 1572-1574 overleed hij. In februari 1574 gaf Middelburg zich over aan de prins van Oranje, de Spaanse troepen vertrokken en met hen de geestelijken. De kanunniken gingen naar Antwerpen. Website nog verder uitwerken Bronnen Nog opnemen een lijst met daarin de namen van de abten van Middelburg
en daarbij de periode, waarin zij abt waren. Vraag; wie kan ons helpen aan die lijst ? _____ |